Stichting Nivoz logo
Sterkt leraren, schoolleiders en betrokkenen bij de uitvoering van hun pedagogische opdracht

Nivoz platform hetkind

‘Maar wie zegt dan tegen jou dat je dom bent?’

22 november 2023

‘Zal Vera nog dingen met mij delen als ze ontdekt dat ik het -met een goede bedoeling- gedeeld heb met een collega?’ De verhalen van Joost Vriens verenigen meestal een situatie die zich voordeed in de klas met wat het bij hem oproept, met zijn persoonlijke reflecties. Dit verhaal is daar geen uitzondering op: een leerlinge, Vera, geeft aan bang te zijn voor afwijzing in de liefde, en dat roept bij Joost o.a. de vraag op hoe hij haar kan steunen en hoe de relatie met leerlingen überhaupt vormgegeven kan worden.

Vera bleef na de les in het lokaal zitten. Ik had wel gezien dat er iets was en deed de deur dicht. Ik ging tegenover haar zitten. Ze keek me een tijdje onderzoekend en vragend aan. ‘Ik weet niet zeker of het wel verstandig is om dit te vertellen’ zegt ze. Opnieuw een pauze. ‘Ik heb aan Rina, mijn beste vriendin, verteld dat ik verliefd ben op Freddie’. Gesprekken met leraren zijn spannend. Ik wil haar helpen: ‘Jij en Freddie werken heel goed samen bij opdrachten.’ Ze knikt, een beetje opgelucht. ‘Ja. We vullen elkaar heel goed aan.’ Twinkeling in haar ogen’: Hij kan hele goede vragen stellen en hij geeft me niet het gevoel dat ik dom ben.’

Zonder nadenken vraag ik: ‘Maar wie zegt er dan tegen jou dat je dom bent?’ Weer die aarzelende, onderzoekende blik. ‘Mijn vader’ zegt ze. ‘Maar daar wil ik het niet over hebben. ‘Maar ik wel,’ schiet het door me heen.

‘Rina heeft het tegen Freddie verteld. Niet rechtstreeks, maar Freddie is niet dom. En nu voel ik me niet prettig meer. Ik ben bang dat hij me afwijst.’

Liefde
Liefde. Wat een moeilijk onderwerp. Wat een moeilijke maar ook fijne energie. De slogan uit mijn jeugd, ‘all you need is love’, is krachtig. Luisterend naar het liedje heb ik wel vaak gedacht: wat is dat dan precies, liefde?

Liefde en relaties horen bij elkaar. Een gevoelig en kwetsbaar terrein. Maar ik moet er wel bij stilstaan. Want ik heb een relatie met de jongeren aan wie ik lesgeef. Dat is in de eerste plaats een vertrouwensrelatie. Wat moet ik doen als een collega vraagt: wat is er gebeurd tussen Vera en Freddie? Zal Vera nog dingen met mij delen als ze ontdekt dat ik het -met een goede bedoeling- gedeeld heb met een collega? Of zal ze juist blij zijn omdat ze zich gesteund voelt?

Lessen seksualiteit
Twee jaar geleden kreeg ik het verzoek of ik een aantal lessen seksualiteit aan een groep wilde geven. Dat kwam beter uit in het rooster en mijn collega’s hadden van de leerlingen gehoord dat ze goed met me op konden schieten. Ik heb niet voor de eer bedankt. Dat had ik beter wel kunnen doen. Want de lessen waren een van de ongemakkelijkste die ik ooit heb gegeven.

Tenminste twee factoren speelden daar -achteraf- een rol in. De eerste was mijn leeftijd: er was een kloof van hier tot de maan en terug tussen mijn beleving van relaties en seksualiteit en die van hen. In de eerste les kwamen ze erachter dat ik niet wist wat een FWB-relatie was (Friends With Benefits, red.). In de docentenhandleiding van het lesmateriaal stond bovendien nog dat 1 op de 6 meisjes in elke klas een hele nare ervaring heeft meegemaakt. Dat betekende in deze klas maar liefst 3 meisjes. Ik voelde me heel ongemakkelijk als man. Dat kreeg ik niet meer weg. In onze samenleving is seksualiteit lastig en dat werd zichtbaar in de klas.

Maar ik hou van mijn leerlingen!

Houden van leerlingen
Zo zei tijdens een teamvergadering een collega spontaan: ‘Maar ik hou van mijn leerlingen!’. Even viel er een ongemakkelijke stilte. Iemand verlegde snel de aandacht naar een ander onderwerp. In de koffiekamer kwam het terug. Mag dat? Waar ligt de grens? Verhalen over docenten die ontslagen waren omdat ze een relatie hadden met een leerling werden uitgewisseld en van commentaar voorzien. Ik had niet het idee dat die collega dat bedoelde.

In de loop van de jaren dat ik voor de klas sta heb ik geaccepteerd dat ik voor sommige leerlingen meer waardering of aandacht heb dan voor andere. En dat ik sommige leerlingen vanaf de eerste stap over de drempel irritant vind. Ik heb een zwak voor leerlingen die ik zie of denk te zien worstelen. Omdat ik nu iets weet van Vera en haar vader besteed ik meer aandacht aan haar.

Aandachtsoefening
In de gaten hebben dat die dingen een rol spelen is een oefening. De derde aandachtsoefening van Plum Village gaat over ‘echte liefde’. Met de vier elementen daarvan: ‘liefdevolle vriendelijkheid, mededogen, vreugde en onvoorwaardelijke acceptatie’ kan ik als docent wel iets. In de gaten hebben dat ik me een tijdje geïrriteerd voel naar Rina. Dat het helpt om te vermoeden dat Rina het misschien wel vanuit een goed hart gedaan heeft, om zo Vera over een drempel heen te helpen.

Na een week heb ik aan Vera gevraagd of ze het goed vond dat ik een gesprek wilde met haar en Rina. Ik zag de ongemakkelijkheid tussen Vera en Freddie. Maar ik zag een koude, boze afstand tussen Vera en Rina en de klas snapte er geen biet van en werd onrustig.

Om een geïrriteerde relatie te herstellen zijn er vier stappen. Je begint met het be- noemen van de goede kwaliteiten van de ander. Iets wat je in de ander bewondert Stap 2 vind ik sterk: je benoemt wat je -in deze situatie- niet handig gedaan hebt. In stap 3 deel je waarom je het moeilijk vindt wat de ander gezegd of gedaan heeft. Dan vraag je om hulp: wat heb je nodig?

Bij Vera en Rina was de eerste stap genoeg: de waardering voor elkaar. Vera zei dat ze door het benoemen van de goede kwaliteiten van Rina ook weer contact kreeg met haar eigen goede kwaliteiten. Elkaar begrijpen en respecteren, is dat liefde?

Een relatie met de ander is ook een relatie met jezelf

Een relatie met de ander is ook een relatie met jezelf. Een moeilijk inzicht, maar wel heel belangrijk, is: je kunt pas ‘goed’ van een ander houden als je van jezelf kunt houden. Misschien zijn we dat in onze maatschappij een beetje kwijtgeraakt.

In de klas van Vera, Rina en Freddie heb ik een verhaal verteld over de twee grote angsten die onze voorouders, die in een stamverband leefden, hadden. De eerste angst was dat ze slachtoffer konden worden van een wild dier of een natuurramp, buiten de veiligheid van de grot. De tweede angst was misschien wel groter: de angst om door de stam verstoten te worden. Want zonder groep had je geen schijn van kans. Daar is misschien wel het oefenen in houden van elkaar begonnen: je had elkaar nodig, het was fijn als iemand je zo leuk vond dat hij het in de groep voor je op kon nemen. De oude wortel van de angst om afgewezen te worden.

Toen de leerlingen weer allemaal in een klaslokaal mochten zitten na de coronaperiode was heel duidelijk dat school een sociale ontmoetingsplaats is. Kinderen leren er over wiskunde, geschiedenis, maar het is ook een oefenplaats in relatievormen. In houden van. In leren omgaan met afwijzing. Goed om daarbij stil te staan. Vanuit je lerarenhart te werken. Als Rina, Freddie en Vera een opdracht van me maken, gebeurt er blijkbaar veel meer dan ik kan zien.

Online onderwijs-sangha
In de online onderwijs-Sangha staan we stil bij dit soort uitdagingen. Om van elkaar te leren en goed voor onszelf te zorgen. Dan kunnen we ook goed voor de kinderen zorgen.  Meer informatie over ons vind je hier.  Je bent van harte uitgenodigd om online deel te nemen komende zondagavond. Als je deel wilt nemen, kun je een mail sturen naar Baltus van Laatum, die je dan een link stuurt van onze bijeenkomst.

Joost Vriens was docent Levensbeschouwing en is nu bezig om een bijdrage te leveren aan het verbinden van mindfulness met onderwijs en onderwijsvernieuwing.

Reacties

0
Login of vul uw e-mailadres in.


Er zijn nog geen reacties
Delen:
Op de hoogte blijven?
Schrijf je in voor de nieuwsbrief