Stichting Nivoz logo
Sterkt leraren, schoolleiders en betrokkenen bij de uitvoering van hun pedagogische opdracht

Nivoz platform hetkind

'In het niet-weten zit veel wijsheid'

20 december 2021

Op dinsdag 25 januari verzorgt kinder- en jeugdpsychiater Floortje Scheepers de NIVOZ-onderwijsavond: Over de mens: makkelijker kunnen we het niet maken’ (om een kaartje te bestellen volg je deze link). Als hoofd van de afdeling psychiatrie van het UMC Utrecht en hoogleraar Innovatie in de GGZ pleit zij voor een meer holistische benadering in de zorg en acceptatie van het niet-weten. Renske Valk en Leone de Voogd van de NIVOZ-denktank spraken haar in aanloop naar de onderwijsavond.

Wat roept het jaarthema ‘I’m not a robot’ bij je op?

‘Mijn eerste associatie is: de maakbaarheid van deze wereld. In de context van de psychiatrie denk ik dan aan de DSM, aan het classificeren en aan ‘het fixen’. Alles is geprotocolleerd. Patiënten worden gezien als objecten van wetenschappelijk of klinisch onderzoek. Ze krijgen een classificatie en het is de classificatie die bepaalt hoe je gaat behandelen. Maar zo werkt het in het echt niet. Er staat een mens voor je, die je moet leren kennen. Het roept zeker ook positieve associaties op, want technologie kan ons heel erg helpen om een nieuwe werkelijkheid te creëren en dingen over te nemen die we niet per se zelf hoeven te doen. Stop die administratieve rompslomp alsjeblieft in een robot, dan heb ik tenminste tijd voor het goede gesprek.’

Waar moet dat goede gesprek over gaan?

‘Over interacties. De psyche bestaat niet zonder interactie. Een hart doet vanzelf z’n werk, dat is bij de psyche anders. Ouders, docenten of medeleerling… de hele omgeving heeft een rol en een functie  in de ontwikkeling van een kind. Bij ontregeling is het onze opdracht om te kijken naar die omgeving, naar de interacties die daaraan bijdragen en welke we kunnen inzetten om weer balans aan te brengen. Dat is complex.'

'In het UMC Utrecht hebben we de "netwerkintake" ontwikkeld. In dat project ga je terug naar de basis en stel je vast wat er speelt in iemands leven. Dat teken je uit met de patiënt of de ouders en dan ga je samen relaties leggen en interacties in beeld brengen. Wat kun je zelf veranderen, wat kunnen je naasten en wat kan een professional daaraan toevoegen? Dat is een heel andere benadering dan de traditionele intake waarbij je klachten uitvraagt en tot een classificatie komt. Het is niet enkel gericht op symptomen, maar primair op gebeurtenissen, betekenis en problemen die mensen ervaren. En ook op krachtbronnen. We geven hier veel workshops over, en het slaat enorm aan.’

Wat zegt dat volgens jou?

‘Ik denk dat we onderschat hebben hoe onthand psychologen en psychiaters zich voelen als je het hebt over een holistische benadering en dat je niet in hokjes zou moeten denken. Iedereen wil meer naar de mens kijken, maar hoe dan? Eerst dachten we "Dat ga je gewoon doen", maar zo was het niet. Mensen vinden het fijn om met zo’n netwerkintake een werkwijze in handen te hebben om dat andere gesprek te voeren. Dat stemt me wel hoopvol dat we in een transitie zitten. Het is geen onwil, maar eerder verlegenheid van professionals om het anders te doen.’

Het stemt me wel hoopvol dat we in een transitie zitten. Het is geen onwil, maar eerder verlegenheid van professionals om het anders te doen.''

Welke parallel zie je met het onderwijs?

‘Ook het leren kun je natuurlijk niet los zien van interacties, maar toch kijken we vaak heel reductionistisch naar individuele kinderen en hun prestaties. We kunnen een grote slag slaan als de pedagogiek weer op een voetstuk gezet wordt. Voor ouders, voor scholen en voor de samenleving. Door het met elkaar te hebben over de gezamenlijke opdracht om kinderen iets te leren of bij te brengen, of in ieder geval een wereld te creëren waardoor een kind zich kan ontwikkelen. Het gekke is dat men soms denkt dat school en opvoeding los van elkaar zouden kunnen staan. Wat je ook doet, school vormt, dus dan kun je het maar beter goed doen.'

'Neem nou de manier waarop wij toetsen, dat vind ik zoiets wonderlijks. Kinderen krijgen 1,5 uur voor een toets geschiedenis. Bij veel kinderen veroorzaakt dat stress, zeker bij kinderen die bang zijn om te falen, concentratieproblemen of leesproblemen hebben, of die erg nerveus worden van de klok. Je gaat al die kinderen die verschillende gevoeligheden hebben onder tijdsdruk beoordelen. Waarom? Omdat ze daar in hun latere leven ook mee te dealen hebben? Nou, dat komt vanzelf hoor. Waarom halen we die druk er niet af en krijg je gewoon de hele middag om te laten zien wat je weet en kunt? Dan is er ook geen briefje meer nodig waarop staat dat je recht hebt op meer tijd bij een toets. Er zit heel veel in het systeem waarvan je denkt: waarom is dit eigenlijk zo bedacht?’

Er zit heel veel in het systeem waarvan je denkt: waarom is dit eigenlijk zo bedacht?''

Waarom denk je?

‘Ik weet het niet. Omdat het nooit anders is geweest?’

Je pleit voor het accepteren van niet-weten, daar verstandig en ontspannen mee omgaan. Maar Is een bepaalde controlebehoefte niet ook heel erg menselijk?

‘Ja, er zit ook een soort angst achter. Psychiaters zeggen dat ze niet terug willen naar vroegere tijden waarin niet-weten meer stond voor: ‘er niets mee doen’, wat ook tot verwaarlozing kon leiden. Met niet-weten bedoel ik ook niet: het maar op z’n beloop laten. Je moet zeker aanwezig zijn en steunen, maar je moet ook samen concluderen dat niet alles maakbaar is en niet alles gekend kan worden. Als je dat samen doet, als je durft te zeggen dat je het niet weet, dat je er een collega bij wilt vragen, dat je zoekend behandelt, dan is dat een heel andere manier van niet-weten dan niet-weten en je ogen sluiten.’

Wat hoop je teweeg te brengen met je onderwijsavond?

‘Ik hoop heel erg dat mensen die met onderwijs bezig zijn de schoonheid van het samen ploeteren gaan inzien. Dat juist die zoektocht de inspirerende uitdaging is: hoe begrijpen we dit kind en hoe kunnen we het voor dit kind optimaal inrichten? Je kunt niet van tevoren voorspellen en je kunt volwassen worden niet toetsen, maar je doet het door er samen over na te denken, samen te leren en te verbeteren. Het ís dat ploeteren. Ik hoop dat ze de ruimte voelen om creatief te kijken naar hun vak. Je hoeft de school niet in beton te gieten.’

Je kunt niet van tevoren voorspellen en je kunt volwassen worden niet toetsen, maar je doet het door er samen over na te denken, samen te leren en te verbeteren. Het ís dat ploeteren.''

Heb je een lees-, kijk- of luistertip voor onze lezers?

‘Ik heb deze zomer een prachtig boek gelezen: Helgoland van Carlo Rovelli, een fysicus die heel toegankelijk schrijft over kwantummechanica. Het gaat over hoe alles, zelfs het tastbare, ontstaat in interactie. Ook materie bestaat alleen bij de gratie van een observator en een perspectief van waaruit je kijkt. Hij beschrijft de wereld in z’n geheel als relaties. Dat vond ik zo gaaf om te lezen. Als dat zo is, wat zijn we in de psychiatrie en misschien ook in het onderwijs dan mijlenver weggedreven van de essentie. We zijn gaan kijken naar objecten en meetbare eenheden, eigenlijk naar een gestolde werkelijkheid. Terwijl de werkelijkheid constant in beweging en interactie is. Echt een eye-opener.’

Reacties

0
Login of vul uw e-mailadres in om op de hoogte te blijven van reacties op uw reactie


Er zijn nog geen reacties
Delen:
Op de hoogte blijven?
Schrijf je in voor de nieuwsbrief