Stichting Nivoz logo
Sterkt leraren, schoolleiders en betrokkenen bij de uitvoering van hun pedagogische opdracht

Nivoz platform hetkind

Hogeschool Leiden: nieuwe leraren zijn zelfbewust en maken eigen keuzes

6 juni 2018

Leerlingen mogen op leraren rekenen die tijd nemen vóór, en durven te kijken naar leerlingen. Op basis daarvan doen ze wat nodig is. Deze leraar – zo zeggen ze op de Hogeschool Leiden - neemt de vrijheid én de eigen verantwoordelijkheid om zelfbewust en onafhankelijk eigen keuzes in zijn werk te maken. Een dergelijke leraar staat voor die keuze en wil en durft initiatief te nemen. Zo’n leraar gaat vanuit het niet-weten met leerlingen op weg en stelt de juiste vragen zonder oordeel.

Op NIVOZ-platform hetkind vind je meer schoolportretten en video's. Klik hier
 

Dit artikel van Rikie van Blijswijk is tot stand gekomen na een gesprek met Yvette Kooij (teamleider deeltijd Pabo) Aziza Mayo (lector) en Robert Viëtor (directeur Hogeschool Leiden) en Marleen van der Krogt (docente NIVOZ) in april 2018

Hogeschool Leiden streeft naar dát imago van de toekomstige leraar, die passie en eigenheid inbrengt in de school. Daartoe zijn nieuwe opleidingsprogramma’s ontwikkeld, die ruimte bieden aan de ‘persoonsvorming’ van elke student. Daartoe kan hij/zij zichzelf laten zien, ontdekken en ontwikkelen.

Het innovatieve curriculum van Hogeschool Leiden is half open. De leeruitkomsten voor de toekomstige leraren staan vast. In hun meesterproef laten zij zien wat ze geleerd hebben. Vijftig procent van de intentionele ruimte is leeg, waardoor de student initiatiefnemer en eigenaar is van het proces om die leeruitkomsten te bereiken.

Eigenaarschap en verantwoordelijkheid

In de lerarenopleiding worden studenten uitgedaagd eigenaar te worden van het onderzoek dat ze willen doen, passend bij hun eigen vraag om zelfbewust te leren. Ze kiezen hun eigen specialisaties, roosters, samenwerkingspartners en leerplekken vanuit hun eigen kompas en bedoelingen en kunnen deze legitimeren. In de planningen zijn open ruimtes opgenomen, waardoor ze autonoom leren en tegelijkertijd verbonden zijn aan elkaar. Zo worden en blijven ze nieuwsgierig naar zichzelf en naar elkaar. Daarmee wordt geleerd verantwoordelijkheid te nemen voor het eigen leren, opdat deze toekomstige leraren dat ook hun leerlingen kunnen gunnen. Dit proces is voor studenten niet gemakkelijk, maar ‘leren doet, als het goed is, ook pijn’. Het faciliterende team van opleidings- en vakdocenten biedt daarin uiteraard feedback door middel van ‘leercoaches’. 

Kanteling van kennisoverdracht naar zelf leren

Deze transformatie is doorgevoerd in de deeltijdopleiding, de reguliere opleiding, de Master 3TO en de 2e graadsopleiding. In de voltijdsopleiding worden de ervaringen van het integraal herontwerp verwerkt in een later te starten experiment. 

In de Vrije School Pabo (VSP) wordt gewerkt aan de herziening van het curriculum waarbij gedurende langere periodes rond een thema geïntegreerd wordt gewerkt vanuit verschillende vakinhouden en disciplines. Centraal staat in alle opleidingen de vraag wat een student nodig heeft. In het experiment zijn de studenten kritische partners om de programma’s zo betekenisvol en voedend mogelijk te maken voor aanstaande leraren.

De leraar van de toekomst is zelfbewust en ‘verschijnt in het moment’ 

Dat is niet gemakkelijk, want nog altijd is een discrepantie voelbaar bij een aantal (aspirant) leraren (mede door hun eigen onderwijservaringen) tussen de ambitie van het leraarschap van de toekomst en het halen van antwoorden en houvast buiten zichzelf. In het intaketraject worden nieuwe studenten geïnformeerd over deze opleiding waarin ‘autonoom professioneel handelen’ gevraagd wordt om eventueel de student voor een meer traditionele opleiding te kunnen laten kiezen.

De autonoom handelende professional

Deeltijdstudenten starten met een tweedaagse, waarin het proces van ont- scholen en het opdoen van vaardigheden om met dit half open curriculum aan het werk te kunnen gaan, aan de orde komt. Daartoe ontwerpen studenten bijvoorbeeld  hun ideale school. Daarbij wordt gelet op de kwaliteit van en diepte in de pedagogisch-didactische ontwerpen. De focus verlegt zich daarin van didaktiek naar pedagogiek, waarvoor werkvormen worden gezocht. In de vakverdiepingen en specialisaties gaat het niet om de breedte, maar om het ‘diep leren’ bij studenten. Dat biedt meer passie bij de studenten/aankomende leraren.

Het gaat er niet om wat je doet, maar hoe je daarvan leert

Deeltijdstudenten komen ’s middags en ’s avonds bij elkaar op een vooraf afgesproken verzamelplek om te leren en te eten met elkaar. Studenten vinden het prettig, maar ook spannend, om te kiezen met wie ze waar en wat willen leren. Het programma van de (deeltijd) studenten is te zien op een digitaal bord, waarop in verschillende rode blokken de keuzes voor studenten zichtbaar zijn, bijvoorbeeld het Jonge Kind of het Oude Kind. Daarnaast en daaronder staan in witte blokken de open space, waarin studenten hun eigen koers uitzetten, gesprekken met mede studenten plannen en/of aan hun eigen werk gaan.

De veranderende rol van de docent

Van ‘doceren naar faciliteren’ en van ‘kennisoverdracht naar goede vragen stellen’ is de nieuwe opdracht van de opleidings- en vakdocenten. Gedegen pedagogische kennis wordt verwacht om te kunnen handelen in relatie met studenten. Docenten stellen zich kwetsbaarder op dan voorheen; het niet-weten, het leven met onzekerheid moet je van jezelf en van elkaar leren accepteren.

Binnen de faculteit werken specialisten en opleidingsdocenten met elkaar aan het faciliteren van dit proces, waarbij leiderschap (voorleven, bemoedigen, professionaliseren) en actieve samenwerking belangrijke vaardigheden zijn. Om docenten voor te bereiden op hun nieuwe rol wordt jaarlijks een tweedaagse onderwijsvernieuwingsreis vormgegeven waarbij - zowel binnen als buiten de school en het onderwijswerkveld - inspiratie wordt opgedaan en onderzocht wordt hoe men aan die rol invulling wil geven. Daarnaast is ook ruimte voor andere reizen naar bijvoorbeeld Agora in Roermond of Finland. Vooraf stelt de reiziger zijn leerdoel vast , naderhand verwoordt hij/zij zijn leeropbrengst. Veel is geïnvesteerd in intervisie, professionele ontwikkeling en onderling lesbezoeken.

In de deeltijdopleidingen werken opleidingsdocenten die ook werkzaam zijn in de basisscholen/vo-scholen. De praktijkervaringen van de docent kunnen daardoor direct verbonden worden aan de vragen die bij studenten leven. Eén student liep vast op de uitleg van een rekenprobleem en bracht dit in. De opleidingsdocent heeft geen uitleg en instructie gegeven aan de student, maar een filmpje gemaakt van zijn eigen instructie in de klas met de leerlingen.

De veranderende rol van een team

Hogeschool Leiden werkt vanuit gespreid leiderschap in teams die staan voor zelfsturing. Ze nemen zelf verantwoordelijkheid voor de facilitering van studenten. Belangrijke gespreksonderwerpen zijn:

  • Doen we wat we beogen met studenten?
  • Wordt de nieuwsgierigheid van elke student versterkt?
  • Is er voldoende vertrouwen in het team?
  • Mogen er conflicten zijn tussen samenwerkende studenten en/of docenten?
  • Wordt er gehandeld vanuit de ambitie dat studenten worden opgeleid voor nu en morgen?

Een dergelijk transformatieproces zorgt uiteraard voor schuring, dat niet altijd prettig voelt. Maar tegelijkertijd geeft het ook energie, worden nieuwe mogelijkheden ontdekt en ontstaat ruimte voor nieuwe ontwikkelingen. 

Wanneer wordt het moeilijk?

Yvette Kooij begeleidt opleidingsdocenten en is daarin de jongste van de groep. ‘Als mijn collega’s het even niet zien zitten, vind ik het vanuit mijn leeftijd gezien soms moeilijk om suggesties te geven. Het is een spannend proces waarbij collega’s het oude programma loslaten en werken vanuit vertrouwen en (professionele) intuïtie.’
Aziza Mayo (lector) vult aan dat het in deze processen van belang is om het niet-weten ook echt te omarmen en de vraag - Mogen we het ook even niet zien zitten? - met elkaar te beantwoorden. ‘Dat schept ruime en maakt dat je weer terug kunt komen bij de bedoelingen.’ Robert Viëtor, de directeur: ‘Hoewel het een enorme uitdaging is om te realiseren wat we ons ten doel hebben gesteld en in het hoofd hebben, hebben we ook veel plezier met elkaar. Elke dag wordt er wel gelachen en is er een ontspannen sfeer. We hebben het goed hier.’

Wat levert het de leerlingen in de basisscholen op?

De toekomstige leraren van de Hogeschool Leiden gaan ervoor zorgen dat leerlingen onderwijs krijgen dat past, waarin een leerling kan verschijnen, kritisch wordt, verantwoordelijkheid heeft en socialisatie belangrijke waarden zijn. Daartoe zijn de 4 V’s voor het onderwijs van morgen leidend: vrijheid, verantwoordelijkheid, verbondenheid, en vervulling.

Rikie van Blijswijk is verbonden aan NIVOZ-opleidingen .

Verdiepend artikel

 

Reacties

0
Login of vul uw e-mailadres in.


Er zijn nog geen reacties
Delen:
Op de hoogte blijven?
Schrijf je in voor de nieuwsbrief