Stichting Nivoz logo
Sterkt leraren, schoolleiders en betrokkenen bij de uitvoering van hun pedagogische opdracht

Nivoz platform hetkind

De juf. Haar mooie idee. En het meisje dat vanochtend niet in dat idee wilde passen.

8 juli 2019

In het onderzoek voor het boek Pedagogische tact noteerden we meer anekdotes dan we uiteindelijk kwijt konden in onze studie. Dit is er zo één: een leerkracht raakt geïnspireerd door de Japanse leraar Kanamori en maakt van een foto van haar klas een legpuzzel, waarin elk kind iedere dag mag bepalen of zijn stukje al dan niet deel uit maakt van het geheel. Op een ochtend helpt ze een meisje dat zich even niet deel van de groep voelt. Wordt de puzzel daarmee weer compleet? Een kanttekening van een van de docenten geeft het voorval nog meer reliëf.

Dit is een deel van een serie momenten uit de trajecten Pedagogische Tact – verkenningen van jouw mogelijkheden in dat ene, enkele, onherhaalbare moment. 

Het is een vroege woensdagmiddag. Vanuit verschillende kanten van het land is een groep van vijftien leraren neergestreken in de bossen van het Driebergense landgoed De Horst – voor sommigen is het een vrije dag; anderen hebben tot een uurtje geleden voor hun groep gestaan en moeten de werkdag nog wat van zich afschudden bij binnenkomst.

De deelnemers aan het open traject Pedagogische Tact hebben de vorige keer de film Children Full of Lifebekeken, de documentaire over de Japanse leraar Toshiro Kanamori die zijn basisschoolklas ‘levenslessen’ bijbrengt. Zijn leven heeft hem de rampspoed, en van lieverlee de levenservaring, van overleden eigen kinderen en een bijna-fataal auto-ongeluk gebracht. Sinds die ervaringen gaat zijn onderwijs eerst en vooral over samen leven, samen leren, een groep zijn met als motto ‘Als één kind niet gelukkig is, is niemand gelukkig’. 

Het is een film waarna vaak een stilte valt bij de groep kijkers. Zo is het ook bij de vorige bijeenkomst geweest. De deelnemers hadden gekeken met een opdracht – de opdracht om één notie uit de pedagogische visie van Kanamori te destilleren, die er voor jou uitsprong en met die notie als vertrekpunt de volgende dag in je eigen klas te gaan kijken en werken. Voor de een is dat het werken met een klassendagboek, een tweede denkt als eerste aan het begrip vertrouwen, een derde zag vooral de nabijheid van de grote levensmomenten en vraagt zich af of hij dat zelf aandurft.

De klas als legpuzzel

Vandaag – een maand later – neemt één van de deelnemers als eerste het woord. Voor haar was het de-groep-als-geheel, die het meest uit de film sprak. Ze heeft eerder verteld hoe ze soms worstelt met haar klas, hoe moeilijk het is om sommige kinderen mee te krijgen, hoe aandacht voor de enkeling op gespannen voet kan staan met de aandacht voor de hele groep. Vandaar dat Kanamori’s ‘Als één kind niet gelukkig is…’ haar trof. Het bracht haar op een idee: ‘Ik heb een foto van de klas genomen, hem op magnetisch papier geplakt en ik heb elk kind uitgeknipt.’ 

De klas als legpuzzel: ‘Als de kinderen de klas binnenkomen, nemen ze hun eigen puzzelstukje en plakken het op de deur om zo samen iedere dag weer een klas te worden’, ligt de leerkracht haar idee toe, ‘Maar alleen als je je goed voelt. Als je je geen deel van de klas voelt, om welke reden dan ook, plak je je stukje niet in de puzzel, maar naast het bord. Zo kunnen we rekening houden met elkaar.’ Verraste, enthousiaste, bevestigende geluiden klinken op bij verschillende collega-deelnemers.

‘En wat gebeurt er? Wat vinden de kinderen ervan?’, wil iemand weten. De leerkracht vertelt hoe ze die ochtend een meisje zag binnenkomen, dat haar stukje naast het fotobord plakte. In een luwtemoment – iets later die ochtend – begon ze een gesprek met dat meisje. Al snel kwam boven wat er dwars zat. Ze hadden samen open en indringend gepraat, waarna er opeens weer een glimlach op het gezicht van het meisje verscheen. Ja, ze kon weer verder, ze ging weer meedoen. ‘Zal ik dan jouw stukje maar plakken in de groep?’, had de juf gevraagd, met een zwierige beweging het puzzelstukje van het meisje naar bijna-complete legpuzzel deur brengend.

Dit had ik nog mooier gevonden…

Meerdere mensen zijn getroffen door het voorval. Door de praktische, concrete vorm die deze persoonlijke observatie uit Kanamori’s film gekregen heeft. Het is één van de PT-docenten die even een pas op de plaats maakt. Hij vraagt nog wat verduidelijking. Complimenteert de leerkracht. Maar… heeft ook een punt van aandacht: ‘Je bent terughoudend met het aanspreken van het meisje. Je wacht af tot het gesprek haar weer echt in een betere sfeer brengt. Ik had het nog mooier, nog completer gevonden, als je óók gewacht had met dat puzzelstukje.’ Inderdaad, constateert de juf: ‘Misschien had ze het zélf in de puzzel willen leggen.’ ‘Ja, of niet meteen, maar later op de dag’, suggereert een ander. 

De groep voelt zich opgetild. Door de herinnering aan de film. Door de invulling waarmee de leerkracht een aspect van de film heeft uitgelicht en tot een concrete vorm in haar klas gemaakt heeft. Door het gesprek met het meisje. En dan, aan het eind, voelt het alsof de hele groep collectief nogmaals opgetild wordt, als een kanttekening nog meer reliëf geeft aan de mogelijkheden van dat ene, enkele, onherhaalbare moment. ‘Tact’, stelt de tweede PT-docent, ‘gaat over een handelen-in-het-moment. En er is niet één goede manier van handelen. Soms is terughoudendheid, niet-handelen, de meest passende manier van handelen.’ ‘Mooi vak, hè?’, ontvalt iemand.

Verslaglegging: Geert Bors

Pedagogische tactmomenten als deze kunnen ongelooflijk veel energie geven! In onze trajecten Pedagogische Tact leer je om die momenten zelf te creëren, waardoor je nog vaker weet wat je moet doen op momenten dat je niet meer weet wat te doen. Je leest er meer over op onze pagina over Pedagogische Tact.

Reacties

0
Er zijn nog geen reacties
Delen:
Op de hoogte blijven?
Schrijf je in voor de nieuwsbrief