Stichting Nivoz logo
Sterkt leraren, schoolleiders en betrokkenen bij de uitvoering van hun pedagogische opdracht

Nivoz platform hetkind

Column: 'School is stom en juffen al helemaal'

25 juli 2015

Tom van vijf jaar heeft het moeilijk op school. Hij wil naar een andere school, en zelfs het liefste eentje in Spanje. Nicole Wouters beschrijft hoe zij Tom probeert te ondersteunen, en hem daarbij soms wel, en soms niet betrokken kan houden. 'Ik wil Tom laten weten dat hij er toe doet. En ook al begrijpen we elkaar nog niet altijd, ik wil dat hij weet dat ik er voor hem ben en dat we hier samen een weg in vinden.'

408948_139515926166501_110999769018117_171511_1570604091_n_largeTom (5 jaar) heeft het moeilijk op school: 'School is stom, ik wil naar een andere school.'Wanneer ik hem vraag hoe die andere school er dan uit ziet vertelt hij me dat hij daar de hele dag mag doen wat hij wil en dat daar geen juffen zijn, want 'juffen zijn stom'. 'Ja, juffen zijn heel stom', zeg ik. 'Alleen denk ik dat ik je teleur moet stellen, want op elke school hebben ze van die stomme juffen.' Hij kijkt me aan en zegt: 'Dan maak ik wel een eigen school.'

Ik heb te doen met Tom. Ik snap heel goed waarom hij school stom vindt. Hij vindt het moeilijk om zich te houden aan afspraken, heeft veel onrust in zijn lijf en is heel gevoelig voor prikkels. Hij laat zich makkelijk meeslepen door anderen, reageert op elke impuls die bij hem binnenkomt en kan moeilijk stoppen wanneer dit van hem gevraagd wordt. En ja, het zijn de volwassenen, waaronder de juffen, die hem steeds maar weer wijzen op wat niet goed gaat.

Tom voelt zich niet happy op school en dat gaat mij aan het hart. Ik wil dat ieder kind zich fijn voelt op school, want als dat niet zo is, kom je ook niet tot leren. Ik denk dat ik de persoon ben die voor Tom het verschil kan maken. Hoe ik dat kan doen weet ik nog niet precies, daar heb ik Tom voor nodig. Regelmatig heb ik daarom een gesprekje met hem over hoe hij zich voelt. Door goed naar hem te kijken, te luisteren en me in hem te verplaatsen kom ik er dan achter wat hij nodig heeft.

In zo'n gesprekje gaf Tom aan niet meer voor mij te willen zitten in de kring 'want dan zie ik alle kinderen en daar wordt mijn hoofd niet rustig van'. Tom wil in plaats daarvan graag een eigen tafeltje. Samen zoeken we in de school naar een verloren tafel. We tillen hem samen naar de klas. Automatisch stuur ik het tafeltje richting te kring. Ik wil dat Tom ín de kring komt zitten omdat ik hem het gevoel wil geven dat hij er bij hoort, ook als hij een eigen tafel heeft. Maar Tom heeft zelf al nagedacht over een plekje, tegen de muur, naast de kring. Daar zetten we zijn tafel neer.

Tijdens een ander gesprek kan Tom weer onder woorden brengen waar hij vastloopt. Hij weet vaak niet welke werkjes hij moet doen. Ik stel hem voor dat we samen een werkplan kunnen maken. 'En als ik hem dan af heb, dan wil ik een klusje voor je doen juf!' Aan zijn eerste werkplan werkt hij als een speer. Vol trots doet hij een klusje met me. We maken samen het verfbord schoon, met heel veel schuim. Alleen komt het tweede werkplan maar niet af. De nieuwigheid lijkt er af en Tom kijkt er niet meer naar om.

En dan komt Tom op school met de volgende mededeling: 'Juf, ik wil naar Spanje!' Auw, die komt aan. Tom wil nu niet meer naar een andere school maar zelfs naar een ander land. Tom wil weg, zo interpreteer ik. Misschien wil hij wel weg van alle mensen die hem vertellen hoe hij zich moet gedragen. Ik vraag Tom of hij weet waar Spanje ligt. Hij wijst met zijn vinger naar het station vlak bij onze school. 'Ik ga met de trein.' 'Nou Tom, daar heb jij al goed over nagedacht', antwoord ik. 'En hoe komt het dan dat je naar Spanje wil?' 'Omdat het daar lekker warm is.' 'Ja, het is daar lekker warm. Doe je wel Sinterklaas de groeten van me?'

Even later zie ik Tom met twee vriendjes hun jas aantrekken en hun rugtassen op doen. 'Wij gaan naar Spanje!' roepen ze tegen een aantal kinderen die op de gang aan het werk zijn en de jongens verlaten door de achterdeur de school. Via de zijingang loop ik de jongens tegemoet. Ik zie ze over het hek van de speelplaats klimmen. Ik had niet gedacht dat Tom zó ver zou gaan en roep gauw: 'Jullie hebben toch wel jullie fruitspullen in je tas gedaan he?' Gelukkig krijg ik het groepje met deze opmerking weer richting de school. Ik vertel de vriendjes dat ze weer aan het werk mogen en met Tom ga ik een gesprek aan.

'Tom, weet jij al dat kinderen niet zonder een groot mens met de trein mogen reizen?' Daar had hij nog niet aan gedacht:' Maar jij bent toch al groot, dan kun jij toch met mij mee?' 'Ja, ik zou met je mee kunnen. Alleen dan heeft onze klas geen juf meer.' 'Maar dan kan juf Carola hier toch komen', bedenkt Tom. 'Ja, dat zou kunnen. Maar dan heb ik nog een probleem. Ik heb juffrouw Angela beloofd dat ik bij de klas zou blijven, ik kan hier niet zomaar weg.' 'Dan ga ik aan juffrouw Angela vragen of jij met me mee naar Spanje mag.'

Helemaal vol van zijn plan loopt hij naar het kantoor van juffrouw Angela. Juffrouw Angela blijkt de hele ochtend in gesprek, maar Tom houdt vol en na de lunch komt hij terug met een briefje waarop staat dat hij naar Spanje wil en op de andere kant staat ‘Sinterklaas’. Ik heb geen idee wat ze samen besproken hebben maar Tom heeft het niet meer over Spanje.

Een dag later vertel ik zijn vader dat Tom naar Spanje wilde. Vader had deze mededeling ook algehoord en denkt dat dat komt omdat hij in een film heeft gezien dat Sinterklaas alle stoute kinderen mee naar Spanje neemt. En weer gaat er een pijnlijk gevoel door me heen. Arme Tom. Hij heeft veel te vaak te horen gekregen dat hij het niet goed doet en nu misschien wel denkt dat hij bij die stoute kinderen hoort die naar Spanje moeten.

De volgende dag komt Tom vrolijk de klas binnen. Na wat kleine aanvaringen met klasgenootjes vraag ik of hij zin heeft in een klusje. Dat heeft hij wel. Ik vraag hem of hij alvast de fietsen en de karren uit het berghok buiten wil zetten. 'Mag ik dan ook op elke fiets een rondje fietsen?' 'Natuurlijk mag jij dat.' Tom zet alle fietsen en karren buiten en af en toe rijdt hij vrolijk op een fiets voorbij het raam en zwaait naar me. Ik zie dat hij zich helemaal in zijn element voelt.

En dan komt hij binnen, rode wangen van de kou. Ik bedank hem voor het buiten zetten van de fietsen. Ik kniel voor hem neer en vertel hem dat ik het zo spannend vond vandaag of hij wel op school zou komen. Dat ik dacht dat hij naar Spanje was gegaan. Dat ik hem niet kan missen omdat ik hem zo lief en bijzonder vind. Dat hij mij zo goed kan helpen en zo fijn klusjes voor me kan doen. Dat ik zo blij ben dat hij bij mij in de klas zit. 'Oké, dan ga ik niet meer naar Spanje', antwoordt hij.

Ik smelt van deze uitspraak. Zo vol overtuiging als hij een paar dagen geleden was van zijn vertrek, zo vastbesloten lijkt hij nu te willen blijven. Ik wil Tom laten weten dat hij er toe doet. En ook al begrijpen we elkaar nog niet altijd, ik wil dat hij weet dat ik er voor hem ben en dat we hier samen een weg in vinden.

Nicole Wouters is leraar op basisschool Klinkers in Tilburg.

Reacties

0
Login of vul uw e-mailadres in.


Er zijn nog geen reacties
Delen:
Op de hoogte blijven?
Schrijf je in voor de nieuwsbrief