Stichting Nivoz logo
Sterkt leraren, schoolleiders en betrokkenen bij de uitvoering van hun pedagogische opdracht

Nivoz platform hetkind

'Senna en ik, wij houdt van jou!'

26 januari 2018

Als nieuwkomertje in een Nederlandse klas, de taal niet machtig, zijn de op het oog eenvoudigste dingen soms het moeilijkst. Bijvoorbeeld als je naar de wc moet, maar niet weet hoe je dat moet vragen. Tineke Spruytenburg maakte dat mee met Senna, die prompt een plasje onder haar stoel deed. De klas hield zijn adem in...


Op de multiculturele school waar ik als zij-instromer - op mijn 48e - aan het werk mocht, stroomden regelmatig leerlingen in die nog maar net in ons land waren. De meeste van hen kregen in de ochtenduren Nederlands als tweede taal in een speciale opvangklas, de kinderen van 6 en 7 jaar die het lezen nog niet machtig waren, bleven in de eigen groep en leerden al doende onze taal. Mijn eerste ‘eigen’ klas begon het schooljaar met een aantal van deze kinderen.

Senna was een wat verlegen, slank meisje van ruim 6, dat met haar moeder en oudere zus, in het kader van gezinshereniging, uit Turkije was komen vliegen. Ze had geluk, want in de klas spraken meerdere kinderen Koerdisch. Bovendien was er altijd die oudere zus om op terug te vallen als zij zich onveilig voelde.
Het was een leergierig en volgzaam kind dat zich graag aan de regels hield. Ze had haar ogen niet in haar zak en leerde veel door te observeren hoe anderen het deden.

Een paar weken na aanvang van het schooljaar stond ik op een middag voor de klas een opdracht uit te leggen toen ik een vreemd geluid hoorde, alsof er ergens een lekkage was. Omdat ik tussen de tafelgroepjes door was gelopen om te checken wat ik op het bord had gezet, zag ik niet onmiddellijk wat er plaatsvond. Ik volgde de blikken van de kinderen en zag waar het geluid vandaan kwam: onder het tafeltjes van Senna lag een grote plas urine. De hele groep was muisstil, je kon een speld horen vallen.

Ik liep met een vriendelijk gezicht op het meisje af en gebaarde haar mee te komen. Ondertussen versterkte ik het gedrag van de groep door te zeggen hoe fijn het voor Senna was dat er niemand lachte. ‘Ik ben zo terug, even Senna helpen,’ zei ik, ‘ga maar vast aan het werk. We praten zo nog wel even met elkaar.’

Ik bracht Senna naar het toilet en maakte duidelijk dat zij op het toilet haar natte goed kon uitdoen en dat ik andere kleren voor haar ging zoeken. Ik zocht hulp bij de klassenassistente die in een van de buurgroepen aan de slag was. Nee, verschoningen waren er alleen op de kleuterafdeling, dus vroeg ik haar om Senna’s ouders te bellen. Ze woonden niet ver en konden schone kleren meebrengen.

Senna wachtte geduldig achter de gesloten toiletdeur nadat ik via een kindertolk had uitgelegd dat haar moeder zou komen en ik ging terug naar het lokaal, waar de meeste kinderen rustig aan hun tafeltje zaten te werken.

Ik dweilde de urine op en nodigde de groep uit om het voorval te bespreken.

Om beurten vertelden de kinderen dat ze eigenlijk wel moesten lachen omdat het zo’n grappig geluid was, die plas van Senna. Een kind zei dat hij het maar gek vond dat ze niet had gevraagd of ze mocht plassen.

Een goede gelegenheid voor een lesje inlevingsvermogen, dacht ik, en ik draaide me om naar het bord en schreef een woord op. Met mijn handjevol Japans sprak ik de klas toe en noemde de naam van een willekeurig gekozen kind. Hij keek me verwonderd aan en wist niets te zeggen. Een van de anderen begon spontaan in een zelfgemaakte taal te spreken en ik ging in zijn spel op door nog wat woordjes Japans toe te voegen. De kinderen lagen dubbel van het lachen.

Na mijn stopteken bespraken we hoe het voelt als je bedenkt dat dit echt is en je niemand om je heen kunt verstaan. Een aantal kinderen deelde ervaringen die ze tijdens vakanties in het land van hun ouders of grootouders hadden opgedaan.

Toen de bel ging die aankondigde dat de schooldag ten einde was, kwamen Senna en haar moeder nog even bij mij langs. ‘Dank jou wel voor Senna. Sorry zij weet niet WC vraagt,’bracht moeder in haar beste Nederlands uit. ‘Het is goed. Ik begrijp het,’ reageerde ik en ik zag aan de ontspanning op het gezichtje van het meisje dat ze begreep dat ik haar ongelukje geen probleem vond.

We bespraken met handen en voeten hoe ze kon zorgen dat ze naar het toilet kon bij hoge nood. De volgende dag kwam moeder nog even langs voor de les begon. ‘Senna en ik, wij houdt van jou’, zei ze en ik koester die woorden als een cadeau.

Tineke Spruytenburg is lerares en geeft mindfulness aan kinderen en volwassenen.
Delen:
0

Reacties

0
Je moet inloggen om te kunnen reageren
Er zijn nog geen reacties
Op de hoogte blijven?
Schrijf je in voor de nieuwsbrief