Stichting Nivoz logo
Sterkt leraren, schoolleiders en betrokkenen bij de uitvoering van hun pedagogische opdracht

Nivoz platform hetkind

Twee monsters, één kind: 'Monster verdrietig is lastiger te tackelen, het zit echt in de weg'

2 januari 2016

De dochter van Nynke Bos lijkt de laatste tijd twee persoonlijkheden te hebben: de "oude" Lucy, en de nieuwe die vreselijke uitbarstingen heeft. Nynke vraagt zich af waar die kanteling mee te maken heeft en besluit het op een rustig moment te vragen. 

2015-12-Life-of-Pix-free-stock-photos-blue-seat-twins-assistedlivingMijn dochter is net op school gestart, en lijkt haar indrukken op een zware manier te verwerken. Overdag in de klas is ze een verlegen engeltje, eenmaal thuis barst de bom: haar blik gaat op oneindig, de oren tot nader order gesloten.

Natuurlijk wordt er in ieder huishouden af en toe gegild, wordt broertje gemept en mag de televisie nooit uit na de drie afgesproken filmpjes. Dat lijkt mij redelijk normaal ik-ga-net-naar-school gedrag. Maar het zijn de subtiele veranderingen in haar blik en in haar spel die me zorgen baren.

Het lijkt wel of er twee Lucy's zijn. De ene is mijn heerlijke gezellige dochter, die grapjes maakt, zich enigszins kan aanpassen en kan wachten als haar kleine broertje of zusje iets nodig heeft. Die lief samen speelt of juist een hele tijd zichzelf kan vermaken. En die ook best een keer stout en ondeugend kan zijn, maar die stopt als ik zeg dat het zo wel weer genoeg is.

En dan is er nog een andere Lucy. Die Lucy zit 's morgens al boos aan het ontbijt. Gilt als de dop van de pindakaas er niet vanzelf af gaat, krijst als ik de hagelberg teruggiet in de pot.  Ontploft als ze haar mes alweer niet af mag likken.  Ze maakt steeds hetzelfde harde geluid tot we er gek van worden. Stopt niet als ik daarom vraag,  gaat nog harder als ik boos word en krijgt de slappe lach als ik mijn geduld verlies.

Ook haar broertje en zusje zijn niet veilig meer. Broertje wordt rond gecommandeerd en babyzusje wordt letterlijk platgeknuffeld. Er zijn weinig woorden meer. Haar vocabulaire is teruggeschroefd naar 'blaaa' en 'beeeee'.  Ook billen en jallaa komen voorbij. Deze Lucy wil alles kopen wat ze ziet, om er vervolgens nooit meer naar om te kijken. Ze kan niet ontspannen tussen haar activiteiten door zodat ze 's avonds met bloeddoorlopen oogjes nog staat te springen op haar bed.

Ze zit duidelijk niet lekker in haar vel en met mijn gemopper er boven op gaat het niet beter worden. Ik zie dat mijn reactie op haar gedrag precies is wat ze niet nodig heeft. Tijd voor een goed gesprek.

Op een rustig moment in de middagpauze wanneer we heerlijk fruit zitten te eten komen we al een stukje dichterbij. Lucy vertelt dat ze boos en verdrietig in haar buik heeft. Altijd al, ook toen we nog in Nederland waren. Dat kan kloppen, het gedrag is niet nieuw, wel explosiever.  'Het lijken wel monstertjes', zegt ze. Ze tekent de monsters levensgroot voor ons. De dagen erna kunnen we haar boze buien beter begeleiden. Door haar te laten inzien dat er in het hier en nu niks is om boos over te zijn, het is het monstertje dat zich met dingen bemoeit! Het monster mag buiten gillen en met stenen gooien, dat vrolijkt hem wel op.

Monster verdrietig is lastiger te tackelen, het zit echt in de weg. Samen proberen we te achterhalen waar Lucy wel blij van wordt. Van gloednieuwe spulletjes - dat verklaart de onstilbare koopdrang - van knuffelen met mama en van grapjes.

Op een dag lopen we langs de knuffelwinkel. Voor het eerst wil Lucy er naar binnen. Samen gaan we op zoek naar de perfecte knuffel.  De een is te zacht, de ander te groot. Dan opeens heeft ze hem. Een knalroze monster met puntige paarse oren die opvallende gelijkenis vertoont met haar getekende monster. Monster gaat voortaan overal mee naar toe; naar school, naar bed, mee aan tafel en naar de wc. Hij krijgt overal uitleg over, wordt getroost en krijgt indien nodig een stevige donderpreek.

Ik houd Lucy's gemoedstoestand goed in de gaten.  Zodra ik het gezichtje op onweer zie staan ben ik er als de kippen bij om een dikke knuffel te geven. Bij de eerste uithaal naar haar broertje verwoord ik haar frustratie. Ik toon begrip voor haar gevoel maar help haar een alternatieve reactie te geven.

Na een week voelen we de omslag. Het gezichtje ontspant, er wordt weer spontaan geknuffeld en gelachen. Er klinkt een oorverdovende stilte na een 'Nee, dat mag niet', gevolgd door een mierzoet 'Ok, mama'. Broer en zus gaan weer op avontuur door het huis in hun stoelentrein. We kunnen weer over de markt lopen zonder alle stalletjes ingetrokken te worden.  Onze heerlijke Lucy is er weer,  met wat dwars maar gezond ik-ga-net-naar-school gedrag.

En de monstertjes? 'Die heb ik naar Nederland gestuurd mama, haha!'

Nynke Bos werkt op een lokale school in Laos, hier is meer informatie over haar te vinden.

Reacties

0
Login of vul uw e-mailadres in.


Er zijn nog geen reacties
Delen:
Op de hoogte blijven?
Schrijf je in voor de nieuwsbrief