Theorie en onderbouwing

We bieden in onderstaand overzicht een aantal theorieën, afgeleid van praktijkonderzoek. Achter de aankondiging vindt u een link naar een website met uitgebreide tekst.

 

De Self-Determination Theory van de Rochester school van motivatiepsychologen, zoals Richard Ryan en Edward Deci. Hier treffen we de research die leidde tot de bekende drie psychologische basisbehoeften: relatie, competentie en autonomie (meer te lezen in De gemotiveerde leerling – blz 98-113). Klik hier

De attributietheorie, zoals onder andere vertegenwoordigd door Bernhard Weiner en het werk van de Stanford motivatiepsychologe Carol Dweck (meer te lezen in De gemotiveerde leerling – blz 52-79). Klik hier

Over ontwikkeling van gehechtheid, zoals door de Nijmeegse hoogleraar Marianne Riksen Walraven vertegenwoordigd. Klik hier

Het werk van de Leuvense hoogleraar Ferre Laevers rond wat hij noemt perspectief nemen . Klik hier

Het U-model van Otto Scharmer. Klik hier.

De positieve psychologie, vertegenwoordigd door Martin Seligman. De positieve psychologie is de stroming die uitgaat van de sterke kanten van de mens en de veronderstelling dat geluk niet het gevolg is van alleen de juiste genen of toeval, maar te vinden is door het identificeren en gebruikmaken van de sterke kanten die iemand al bezit. Klik hier.

Het flow-concept, vertegenwoordigd door Mihaly Csikszentmihalyi. Flow-ervaringen geven positieve energie. Flow is volgens M. Csikszentmihalyi (1990,1997) een ervaring van absorptie in een activiteit, waarbij het zelfbewustzijn verdwijnt, het tijdsbewustzijn verandert en het handelen een waarde in zichzelf heeft. Klik hier.

Jos Kessels over de morele en organisatorische werkelijkheid. Om een betekenisvolle context voor alle betrokkenen te genereren, moeten de deelnemers werkelijk in het gesprek betrokken zijn en een dialoog kunnen voeren. Een nastrevenswaardige gedachte, ook in het onderwijs: leraren en leerlingen als werkelijke gesprekspartners. Klik hier

Geert Kelchtermans en de betekenis van de professionele biografie. Wie de leraar wil begrijpen luistert naar zijn verhaal. Het is de eenheid van zijn persoonlijke en professionele biografie die bepaalt wie de leraar is en hoe hij optreedt. In het leraarschap kan het ‘wie’ eigenlijk niet zinvol worden gescheiden van het ‘hoe’ en ‘wat’. Klik hier

Luc Stevens en de psychologische basisbehoeften. Als in voldoende mate is voldaan aan de behoefte aan relatie (anderen waarderen mij en willen met mij omgaan’), aan de behoefte aan autonomie (‘ ik kan het zelf, hoewel niet altijd alleen’) en aan de behoefte aan competentie (‘ik geloof en heb plezier in mijn eigen kunnen’) is er welbevinden, motivatie, inzet en zin in leren. Wordt hier door opvoeders (ook leraren!) tekort gedaan, dan ontstaan voorspelbaar taakhoudings- en motivatieproblemen op school. Klik hier

The Dutch Way in Education – Andy Hargreaves‘ visie op de toekomst van het onderwijs. Klik hier

Daarnaast verwijzen we naar de twee boeken die zijn uitgebracht:

pt175Pedagogische tact. Op het goede moment het juiste doen, óók in de ogen van de leerling (2013). Onder redactie van Luc Stevens en Geert Bors en met medewerking van veel leraren en betrokkenen. Uitgever Garant.
ISBN: 9789044130126. Prijs: € 22,–. Bestel!

Ik, de leraar. Uit liefde voor het vak, in het belang van ieder kind, in dienst van onze samenleving (2013) Marcel van Herpen. Uitgave van hetkind.
ISBN: 9789081949316. Prijs: € 18,–. Bestel!