‘The Tact of Teaching’ van pedagoog Max van Manen

26 mei 2014 · door Ellen Emonds >
Leerkracht primair onderwijs en docente Pedagogische Tact

In het boek ‘The tact of teaching’ zet de van oorsprong Nederlandse pedagoog Max van Manen zijn visie uiteen over het pedagogisch handelen van volwassenen. Hij staat in het bijzonder stil bij wat hij ‘pedagogische tact’ noemt en wat het belang daarvan is. Ellen Emonds geeft voor het forum een impressie.

Onderwijzen is opvoeden
Ouders en leerkrachten hebben in de eerste plaats een pedagogische verantwoordelijkheid. Daarmee is volgens Van Manen de essentie van een goede leerkracht weergegeven. Onderzoek naar de kern van deze pedagogische verantwoordelijkheid brengt Van Manen op inzichten die laten zien dat pedagogisch handelen op basis van instrumentele of rationele aanpakken niet toereikend is. De auteur geeft aan dat er wel ‘technische aspecten’ aan het onderwijzen te onderscheiden zijn, zoals instructietechnieken of aandachtspunten voor klassenmanagement, maar deze behoren niet tot de kern van onderwijzen en de inherente pedagogische verantwoordelijkheid. Het gaat volgens hem uiteindelijk om het pedagogisch handelen dat als een normatieve en relationele activiteit opgevat dient te worden. Dat houdt met andere woorden in dat er van een leerkracht steeds wordt gevraagd om op een juiste en passende wijze te handelen met, en te reageren op de leerlingen waarvoor hij in pedagogische situaties verantwoordelijk is. Betrokkenheid bij de persoon van, en het leren van het zich ontwikkelende kind is daarbij van het grootste belang. Daarom ook noemt Van Manen de volgende voorwaarden als essentieel voor opvoeden: liefde en zorg, hoop en vertrouwen en verantwoordelijkheid.

Pedagogische tact
Van Manen werkt vervolgens het pedagogisch bekwaam handelen als normatieve activiteit verder uit. Daarbij maakt hij gebruik van het begrip ‘tact’. Bij tact in pedagogische situaties gaat het erom hoe het kind de relatie met de volwassene en de aanwezigheid en het handelen van de ander ervaart. Tact is een onmiddellijk weten wat goed en juist is om te doen. Tact is gericht op de ander en tact ráákt de ander (letterlijk en figuurlijk). In pedagogische situaties is tact asymmetrisch; de volwassene draagt de verantwoordelijkheid het kind te ‘helpen groeien’. Tact is niet een soort gevoel, maar ‘to exercise tact means to see a situation calling for sensitivity, to understand the meaning of what is seen, to sense the significance of this situation, to know how and what to do, and to actually do something right’.

Pedagogische tact is dan ook een heterogeen begrip, bestaande uit meerdere dimensies en zodoende dus op te vatten als een construct waarmee pedagogisch handelen te beschrijven is. Zo zou een docent in een bepaalde specifieke situatie – alvast vooruitlopend op de dimensies of aspecten die Van Manen zelf voorstelt – hoog of laag op bijvoorbeeld ‘terughoudendheid’ kunnen scoren. Tegelijkertijd is Pedagogische tact ook een definitie van gewenst gedrag en het vertegenwoordigd zodoende een morele dimensie, wat inherent is aan de aard van een construct dat ingebed is in de pedagogiek. Aldus Ax en Ponte:

Pedagogy as human science seeks answers to questions about what kind of human beings children should become and how they can be raised toward becoming such human beings, taking into account the context in which this process of upbringing takes place. (2010, p. 30)

Deze vragen impliceren nadrukkelijk een gewenste uitkomst en daarmee overeenkomstig gewenst handelen. Een holistische benadering van het pedagogisch handelen van docenten is voorts wenselijk omdat de onderwijspraktijk gekenmerkt wordt door onzekerheid, disorde en onbepaaldheid – het betreft met andere woorden een praktijk die contingent van aard is (Schön, 1983). Pedagogische tact wordt verder gekenmerkt door een zekere onmiddelijkheid, is sterk afhankelijk van de specifieke situatie waarin het plaats vindt, is toevallig en improvisatorisch (Van Manen, 1991, p.123). Pedagogische tact impliceert dan ook eerder een ‘manier van zijn’ of ‘in relatie staan tot’ dan bepaalde gedragingen:

Pedagogical Tact manifests itself primarily as a mindful orientation in our being and acting with children. This is much less a manifestation of certain observable behaviours than a way of actively standing in relationships.
(Van Manen, 1991, p. 149).

Tactvol persoon
Pedagogisch tact bestaat dus uit een complexe reeks kwaliteiten, vaardigheden en oriëntaties. Ten eerste heeft een tactvol persoon de mogelijkheid om gebaren, houding, uitdrukkingen en lichaamstaal van een ander te interpreteren, motieven te doorzien en relaties te veroorzaken en te beïnvloeden. In de tweede plaats kan een tactvol persoon de psychologische en sociale betekenissen van ‘de binnenkant’ van een ander koppelen aan de functies daarvan. Bijvoorbeeld het begrijpen van de diepere betekenis van verlegenheid, beleefdheid, frustratie, onbeschoft zijn, boosheid of blijdschap.
Voorts heeft een tactvol persoon een gevoeligheid voor grenzen en standaarden en voelt zo aan hoe dichtbij hij of zij in een bepaalde situatie mag komen, of welke afstand bewaard dient te worden.
Ten slotte lijkt tact nauw verbonden te zijn met een zekere morele intuïtie. Een tactvol persoon voelt intuïtief aan wat wanneer juist is. Tactvol zijn is dan ook doordacht zijn, gevoelig, ontvankelijk, discreet, voorzichtig, vriendelijk en behoedzaam.

Tegenovergesteld: iemand die tactloos is, is haastig, onbezonnen, indiscreet, onbesuisd en ongevoelig.

Tact in de praktijk
In de tweede helft van het boek gaat Van Manen verder in op wat ‘pedagogische tact’ in de praktijk inhoudt, wat het doet en hoe het iets doet. Een voorbeeld daarvan is dat ‘tact’ de persoonlijke groei en het leren van kinderen voorop stelt. Dit heeft consequenties voor de methode van onderwijzen: kiezen we voor tijdsefficiëntie of voor de ‘relevance to students’ lives’? En beseffen we hoe we door de blik in onze ogen, onze gebaren, onze voorbeelden, door ons spreken en zwijgen en door de sfeer (inclusief de inrichting van het lokaal) ‘tactvol’ bezig kunnen zijn? Veel modellen en theorieën zeggen niets over deze onderwerpen en Van Manen gaat daarom in op de vraag hoe een leerkracht zich toch kan voorbereiden op deze verantwoordelijke taak.

Eén aspect daarvan is dat een leerkracht, om tactvol te kunnen onderwijzen, goed moet weten welke pedagogische doelen met de leerlingen wil bereiken. Toch blijft er volgens Van Manen altijd een zekere ‘spanning’ en ‘onzekerheid’ bestaan. Tactvol denken en handelen is en blijft situatie- en persoonsgebonden. Maar ‘even though tact is unplannable (…), one can prepare the heart and mind’.

Van Manen formuleerde dan ook de volgende kenmerken over hoe Pedagogische tact zich laat zien en hoe het de lerende beïnvloed.
Pedagogische tact laat zich zien door (Van Manen, 1991, p. 149 e.v.):

  • een zekere terughoudendheid,
  • een openheid voor – en gerichtheid op – de ervaring van de lerende,
  • een afstemming op subjectiviteit,
  • een subtiele invloed,
  • een situationeel onafhankelijk vertrouwen, en
  • een gevoel en talent voor improvisatie.

Pedagogische Tact beïnvloed de lerende vervolgens door (Van Manen, 1991, p. 160 e.v.):

  • respecteren van de persoonlijke ruimte van de lerende,
  • beschermen van datgene wat kwetsbaar is,
  • voorkomen van onnodig kwetsen,
  • heel maken van wat gebroken is,
  • stimuleren en versterken van het goede en unieke van de lerende, en
  • bevorderen van persoonlijke ontwikkeling.

Reflectie
Deze voorbereiding van de leerkracht op de praktijk hangt volgens de schrijver nauw samen met een proces van reflectie op het pedagogisch handelen. Tactvol handelen als essentie van goed onderwijs ontstaat niet vanzelfsprekend door bestudering van theorie of ervaringen in de praktijk. Door een systematische reflectie op de dagelijkse ervaringen kunnen we nadenken over de pedagogische tact in ons handelen. Volgens Van Manen is dit vooral van groot belang omdat het gaat om normatieve activiteiten: Heb ik goed gehandeld? Hoe hebben de kinderen iets ervaren?

Een thema dat regelmatig te vinden zal zijn in deze praktijkervaringen is het wekken van de interesse van leerlingen. Die interesse is bij elk kind te vinden, zo stelt Van Manen: ‘To be a child is to live with interest’. Een tactvolle en reflectieve leerkracht vraagt zich steeds af of zij hier op de juiste manier mee is omgegaan. Op basis van de uitkomsten daarvan kan in toekomstige pedagogische situaties met meer ‘tact’ worden gehandeld.

Literatuur

  • Ax, J., & Ponte, P. (2010). Moral issues in educational praxis: A perspective from ‘pedagogiek’ and ‘didactiek’ as human sciences in continental Europe. Pedagogy, Culture & Society, 18(1), 29-42.
  • Manen van, M. (1991). The tact of teaching. Ontario: The Althouse Press.
  • Schön, D. (1983). The reflective practitioner: How professionals think in action. Hampshire: Avebury.

Wij bekijken iedere reactie. U hoort binnen drie dagen of we het bericht plaatsen.

annuleer