Schoolreportage OBS Uilenspiegel: ‘EGO biedt structuur op weg naar verdieping’

Het is een warme junidag als Rikie van Blijswijk OBS Uilenspiegel bezoekt, een EGO-school in Boekel. Over het concept zegt directeur Laika Cortenbach: ‘EGO is ervaren, niet meteen ingrijpen, en het biedt een structuur die ondersteunend is om je te kunnen verdiepen’. ‘Een leraar is geen “zak met competenties”, maar een mens die met andere mensen werkt’.

UIL_1 In dit schoolportret van OBS Uilenspiegel laat het team en de directie zien waar het volgens hen echt om gaat in het werken met kinderen: kracht, emancipatie, kwetsbaarheid, aandacht en jezelf kennen. Eerst dus naar de mensen die dit mogelijk moeten maken: Laika Cortenbach, de schoolleider. Laika is drie jaar schoolleider van OBS Uilenspiegel, een school voor ErvaringsGericht Onderwijs. Haar eerste ervaringen met onderwijs deed ze op in Den Haag. Basisschool de Regenboog (‘nee, geen EGO’) is een experimenteerschool en samen met een begeleidster van het Haags Centrum Onderwijsbegeleiding heeft juf Laika de kans om veel proeftuintjes uit te zetten. Ze heeft veel vrijheid en autonomie en pakt de kansen om daarmee aan de slag te gaan graag op. ‘Ik heb mij in die tijd als leraar veelzijdig kunnen ontwikkelen’.

Laika behoort tot de grote voortrekkers van deze school, echter later blijkt dat de inspanningen van de leraren niet tot blijvende, duurzame ontwikkelingen leidde. Met haar gezin verhuist ze naar Helmond en gaat werken op een ‘binnenstadsschool’. ‘De kinderen op die school hebben mijn hart en daar is mijn ambitie om schoolleider te worden gegroeid’, mijmert ze. Na het bouwcoördinatorschap op een school met het OntwikkelingsGerichtOnderwijsconcept wordt ze lid van het directieteam op een grotere school. Ze ontwikkelt in die periodes haar eigen leiderschapsstijl.

Persoonlijke inzet voor partnerschap
In 2009 wordt Laika gevraagd directeur van EGO-school de Uilenspiegel te worden. Ze doet dat met veel plezier en kennis van zaken. In de korte tijd dat ik met haar door de school loop, zie ik meer van die persoonlijke leiderschapsstijl. Ze deelt complimentjes uit aan leerlingen die we tegenkomen, ze vraagt door bij leerlingen die een probleem hebben met elkaar en zorgt dat ze weer samen door één deur vertrekken.

Laika straalt vooral rust uit en zelfverzekerdheid. Ze weet wat ze wil en met wie ze wil praten.
Laika heeft een afspraak met Tiemen en Sven. De beide jongens hebben goede ideeën over hoe het portfolio op de computer er uit kan zien en hoe Wi-Fi en de I-pad in de school (beter) gebruikt kunnen worden. Met z’n drieën bereiden ze een presentatie daarover in het team voor. ‘In de leerlingenraad worden goede suggesties gegeven door onze leerlingen’, vertelt Laika. ‘We maken er vaker een project van mét de leerlingen en uiteindelijk wordt zo’n goed idee geïmplementeerd in de school’.

Ook met de ouders wordt veel gepraat. ‘We hebben hier geen vragenlijsten over kwaliteit. Ik houd liever gesprekken met de ouders. Naast veel informatie levert het mij vooral verbinding op tussen de school en de ouders en dat is een goede basis voor partnerschap’, merkt Laika op.

Je eigen vragen kunnen oplossen
UIL_2 In groep 3-4 wordt het werken afgesloten met een evaluatie in de kring over het zelfstandig werken. Ze hebben deze ochtend voor het eerst met het rode stoplicht gewerkt. Loes, de leraar, nodigt de groep uit te vertellen hoe dat ging. ‘Vertel maar aan elkaar wat goed of minder goed gaat of wat je lastig vindt’. Er ontstaat een levendig gesprek:

Michelle: ‘Ik vond het lastig, want ik wist een woord niet. Ik heb daarna zelf gekeken en woordjes doorgestreept waarvan ik dacht dat die het niet konden zijn. Het woord wat overbleef heb ik toen gebruikt’.

Loes: ‘Super; je hebt het helemaal zelf opgelost’.

Pien: ‘Ik vond het goed gaan. Eerst had ik een vraag en ging naar Loes, maar die maakte mij zonder woorden duidelijk dat ik geen vragen aan haar kon stellen. Ik heb de vraag nog eens zelf goed gelezen en kon die toch zelf oplossen’.

Joyce: ‘Romée heeft mij geholpen’.

Loes: ‘Heeft ze het jou voorgezegd of uitgelegd?’.

Romée: ‘Ik heb gewoon de vraag nog eens rustig voorgelezen’.

Loes: ‘Wat doe je de volgende keer?’.

Joyce: ‘Ik ga zelf de vraag een tweede keer lezen’.

UIL_3 Na dit gesprek vraagt Loes aan de groep hoe lang het zou duren om de hele klas op te ruimen. ‘Twee minuten’ antwoorden de leerlingen en gaan aan het werk om de klus in die tijd te klaren.

Loes is een energieke lerares, die proactief handelt en plezier uitstraalt. Ze legt echt contact met de kinderen en is daarin duidelijk en belangstellend. De sfeer is uitnodigend en wordt gedragen door de relatie die ze met de leerlingen heeft opgebouwd. Na twee minuten is de klas schoon, staan de meubels weer op hun plaats en kan de lunch beginnen.

Een leerling, gevraagd naar hoe zij de school en haar juf Loes ervaart, vertelt: ‘We hebben hoeken en twee klaslokalen, waardoor we meer plek hebben om te spelen. Loes is keigrappig, want ze doet leuke dingen. Ze staat op de tafel of zet haar fiets erop. Ze legt goed uit en we doen vaak leuke dingen, die ze zelf bedacht heeft. Ook de juffen van groep 1 en 2 zijn leuk en in groep 5 gaan we met maatjes werken’.

Energie en plezier
De collega’s op de Uilenspiegel zijn tussen de middag zoveel mogelijk met elkaar. Het zijn enthousiaste, op de kinderen gerichte leraren. Hun energie is voelbaar door de school. Ze hebben hart voor de leerlingen en in de groepen straalt het van ze af dat ze zin hebben om met hen te zijn en met hen te werken. Die samenwerking en verbinding met de leerlingen maakt hen blij: daar doen ze het voor! Een energiek team dat plezier heeft in het werken met de leerlingen en hen zoveel mogelijk wil bieden. De leraren en de directeur hebben alle aandacht en nemen tijd voor hun leerlingen en voor elkaar. Het plezier straalt er vanaf. UIL_4

Net als op andere scholen is het hard werken, maar ‘Als lesgeven iets is wat je echt wilt, krijg je meer energie dan dat je geeft. Natuurlijk moet je goed voor jezelf en je collega’s zorgen. Je doet het tenslotte met elkaar’, wordt gezegd.

Pedagogisch tactvol!
Loes en Floor volgen vanaf september 2012 de PT+. ‘Dit is een goed moment voor ons om mee te doen met de PT Plus. We hebben er goed over nagedacht en weten precies waarom we dit willen’, zeggen beide leraren.Laika vult aan: ‘Zij kunnen verantwoorden wat ze wel en niet kunnen en legitimeren wat ze doen. Het zijn sterke mensen die bespreekbaar maken wat besproken moet worden, zowel binnen het team als met de ouders. Een voorbeeld hiervan is dat Loes tijdens een zorgoverleg over één van haar leerlingen heel goed kan aangeven waarom het voor dat kind nodig is om af te wijken van het algemene beleid. Ze kan het onderbouwen en neemt daarmee verantwoording’.

De essentie van het leraarschap: kwetsbaarheid door jezelf te zijn
Laika is heel duidelijk over de vraag wat het belangrijkste is van het leraarschap: ‘Je mens-zijn, je biografie. Je bent hier als mens. Van elke leraar wordt verwacht dat de professionele verantwoordelijkheid gekoppeld wordt aan de eigen persoonlijke verantwoordelijkheid. Als je iets doet wat je niet zelf wilt, raak je jezelf kwijt en deze leraren staan heel dicht bij zichzelf. Het doel van ErvaringsGerichtOnderwijs is emancipatie en daarin ben je als leraar op de eerste plaats een gids voor jezelf en daarna voor de ander. Onze leraren weten waar het omgaat: zij zijn krachtige, geëmancipeerde, kwetsbare mensen die zichzelf goed kennen’.

Kwetsbaarheid is een sleutelwoord in deze school, is de overtuiging van de directeur. ‘We ontlenen onze kracht uit onszelf-zijn en we laten onszelf aan elkaar zien. Daar ben je dan vervolgens ook weer kwetsbaar in, maar als je dat kunt en durft ben je een essentieel voorbeeld voor grote en kleine anderen. Dat is bijna ontroerend om te zien bij leerlingen, maar zeker ook tussen de leraren onderling’.

De schoolleider en leraren werken vanuit hun kracht
‘Verantwoording nemen en vragen stellen om jezelf en de ander te leren kennen. Een groepsleraar kent dynamiek in zijn werk en moet daarin kunnen selecteren wat echt belangrijk is. Daarom vind ik een klassenbezoek zo belangrijk. Ik kan meegenieten van wat er gebeurt tussen leraar en kind; daar kan een ingevuld POP (Persoonlijk OntwikkelingsPlan, red.) niet tegenop. De leraar stelt daarna zijn eigen vragen’.

‘In het gesprek over het klassenbezoek gaat het er niet om dat je een leraar vertelt hoe jij het zou doen als het niet lekker gaat in de groep. De kunst is om leraren zelf te laten ervaren wat er niet lekker loopt en waarom. Daarna is de ander pas in staat om dat te realiseren. Het meest krachtige is om er zelf tegen aan te gaan om te verbeteren wat er verbeterd moet worden.
Ik vraag de leraren hoe belangrijk het voor hen is dat ίk hun beoordeling schrijf. Ik draai het liever om en vraag hen zelf te laten schrijven waarom ik hem of haar een goede leraar vind. Daarna gaan we daarover met elkaar in gesprek.
Voor mij is het belangrijk dat een leraar vanuit zijn kracht werkt en daarmee en daar(door) ook zijn leerlingen toe kan uitdagen. Ik hecht waarde aan het leggen van relaties tussen de grote en kleine mensen in de school. Door er echt te zijn bieden we elkaar inspiratie. Het gaat er mij om dat mensen elkaar kennen, dat het goed voelt om hier te zijn, dat we elkaars kwaliteiten respecteren en gebruiken en dat we mensen zelf aan het denken zetten. Eigen verantwoordelijkheid staat hierbij hoog in het vaandel’.

Filosofielessen
Voor Laika, in de traditie van het Socratisch denken, bepalen niet ‘het moeten’, maar het ‘ont-moeten’ de koers en is het gesprek met de leraren zowel binnen als buiten de school essentieel. Haar filosofielessen hebben haar meer gebracht dan alle andere cursussen die ze tot nu heeft gevolgd, zegt ze. ‘Het is spannend wat filosofie met mijn denken doet. Het voelt heel goed en ik krijg steeds meer lef om te doen wat ik denk’.

Op een kunstzinnige manier laten zien wie je bent
In het Gemeentehuis van Boekel is een kunstproject bedacht, waar de school graag aan mee wilde doen om ook kunst in de klas te brengen. ‘De kinderen bedachten zelf een thema waar ze elke dag aan werken. Iedereen mag op de foto zoals ze zichzelf het liefst zien’.

UIL_6 Annika: ‘Dit is een beetje verzinselachtig. Ik ben een natuurkind en kwam erachter dat ik in het groen op de kunstfoto wilde. Daarom heb ik een heel groot groen blad bij mij, groene nagellak en oorbellen met groene veren ingedaan. Toen ben ik gewoon gaan staan voor de foto’.

UIL_5 Pien: ‘Zo wilde ik mijzelf laten zien. Ik heb twee achtergronden gekozen, want ik vond ze allebei leuk. Ik heb er bloemen en blaadjes bij gekozen die er volgens mij het beste bij pasten. Ik wilde een natuurmeisje zijn met de band en plant op mijn hoofd. Die plant vond ik vooral heel goed, want mijn haren passen mooi in de natuur’.

Wij bekijken iedere reactie. U hoort binnen drie dagen of we het bericht plaatsen.

annuleer