Portret veelpleger Hans; ouderaandeel

08 feb 2016 · door Ido Weijers >
Leerstoel Jeugdbescherming, Universiteit Utrecht

Hans: ‘Stoppen? Ja, als ik miljonair ben.’

In het boek Stoppen of volharden. Portretten van jonge veelplegers, presenteren Ido Weijers en Diane van Drie een analyse van het moeizame proces van stoppen met criminaliteit als die eenmaal tot routine is geworden.

Dit boek is het resultaat van een longitudinale (langlopende) studie naar 81 jongvolwassen (ex)veelplegers, en biedt een indringende analyse van de worsteling te stoppen met criminaliteit als die eenmaal tot routine is geworden. Dit blijkt bij jonge veelplegers een typisch leeftijdsspecifiek proces. Zij stoppen omdat ze beseffen dat doorgaan hen niet de gedroomde weelde oplevert, ze zijn de stress zat en voelen zich er te oud voor. Ouders blijken in dit proces een sleutelrol te spelen, die om nadere bezinning vraagt.

Ido Weijers gaat tijdens de Onderwijsavond, woensdag 13 april 2016, in op enkele cruciale factoren die daarbij een rol spelen. Vervolgens probeert hij de vraag te beantwoorden hoe we kunnen voorkomen dat jongeren in een criminele carrière geraken:

Ik zal laten zien dat ‘geschikt onderwijs’ daarbij essentieel is. We kunnen het ons maatschappelijk gezien gewoon niet veroorloven deze jongens aan hun lot over te laten. Maar onderwijs dat geschikt is voor deze jongens, stelt zeer zware of specifieke eisen aan het soort onderwijs én aan de docent.


Na een eerste portret van Roel (zie link onderaan). Hierbij het portret van Hans, één van de jongeren uit de studie. Deze specifieke casus toont treffend de gelaagdheid van dergelijke problematiek. Het is, zo blijkt, niet alleen het gedrag van Hans zelf dat hem parten speelt, zijn thuissituatie stimuleert hem geenszins zijn risicovolle gedrag te veranderen. Sterker nog, personen uit zijn gezin lijken hem hierin juist te steunen en stimuleren.

Hans: gelaagdheid problematiek en ouderaandeel

De naam van Hans duikt voor het eerst op in de justitiële documentatie als hij veertien jaar oud is. Het gaat om mishandeling. Een paar maanden na deze knokpartij wordt hij voor eenzelfde delict opgepakt. Als hij daarvoor bijna een jaar later voor de kinderrechter moet verschijnen, staat hij ook terecht vanwege twee andere delicten, diefstal en heling.

Voor deze drie zaken samen krijgt hij twee weken jeugddetentie voorwaardelijk en 60 uur werkstraf plus een flinke schadevergoeding. Heel veel indruk blijkt dit niet op Hans te maken, want vrij snel daarna komt hij opnieuw met de politie in aanraking, wegens rijden zonder rijbewijs en vanwege een vechtpartij. Vanaf dat moment is hij in beeld als jeugdige veelpleger.

Vijf geregistreerde delicten binnen een jaar. Dat is uiteraard bijzonder alarmerend. Nog veel alarmerender is echter wat er kort daarna gebeurt. Krap enkele maanden later, wordt Hans namelijk opgepakt vanwege betrokkenheid bij een extreem gewelddadige vechtpartij in een café. Dit is in meerdere opzichten een veelbetekenend moment. Ten eerste, omdat Hans hier samen met zijn vader, twee ooms en een stel vrienden bij betrokken is. De rol van zijn vader is cruciaal.

We waren in een café. En toen begon die portier opeens heel raar te doen tegen m’n vader, die gaf hem een klap en toen was het afgelopen. (…) Toen heb ik met stenen lopen slaan, met een baksteen.

Deze zaak heeft enorme gevolgen. Hans is dan zestien. Hij wordt langdurig in voorlopige hechtenis genomen en uiteindelijk veroordeeld tot een jaar jeugddetentie plus een schadevergoeding van bijna € 2000.

Toch leidt ook deze zware sanctie allerminst tot een gedragsverandering. Zodra hij vrijkomt wordt meteen het patroon van vermogensdelicten, gewelds- en verkeersdelicten voortgezet. De daaropvolgende jaren wisselen periodes in de gevangenis, variërend van enkele dagen of weken tot anderhalf jaar, voortdurend af met korte periodes in vrijheid waarin snel na elkaar delicten worden gepleegd – winkeldiefstallen, straatroven, een roofoveral op een villa en inbraken in het hele land. Ondanks het feit dat hij de laatste jaren de meeste tijd in detentie heeft doorgebracht kent Hans geen twijfel. Allereerst staat voor hem als een paal boven water dat je van je af moet slaan:

M’n vader werd aangevallen en als dat nu gebeurt, dan zou ik hetzelfde doen. En als twee jongens mij aanvallen, dan ga ik ook weer vechten met die jongens.

En soms zit hij gewoon dringend om geld verlegen: ‘Die overval was omdat ik geld nodig had.‘ En van een boete trek je je natuurlijk sowieso niks aan. De typerende combinatie van veel knokken, stelen, beroven, rijden zonder rijbewijs en geregeld zitten, lijkt voor hem eerder een levenswijze om trots op te zijn, een bewijs dat je een vent bent die lak heeft aan autoriteiten.

Karakteristiek is Hans’ allereerste contact met de politie. Hij is dertien en heeft te vroeg vuurwerk afgestoken. Z’n ouders moeten naar het politiebureau om hem op te halen en dat vindt hij ‘klote’: ‘Want dan komen je ouders en daar ben je het bangst voor natuurlijk, niet voor de politie.‘ Maar tot zijn opluchting moeten ze lachen: thuis staat de hele huiskamer vol met dozen zwaar vuurwerk. Ze vinden het wel stom dat hij te vroeg begon met rotjes afsteken, maar ze vinden het ook wel stoer dat hij dat zo maar in z’n eentje deed.

Criminaliteit is gewoon in de familie, niks om je voor te schamen: ‘Er zijn mensen aardig rijk van geworden in mijn familie.‘ Hans vindt dat hij z’n leven goed op orde heeft. Hij verdient genoeg met zijn illegale activiteiten en hij kan behoorlijk meekomen binnen zijn familie en vriendenkring. En spanning hoort er nou eenmaal bij. Okay, hij wordt vaak opgepakt, noem hem gerust ‘veelpleger’, so what? Hij doet het puur voor het inkomen en piekert niet over stoppen:

Ja, als ik miljonair ben! (…) Zonder doorgaan is er geen geld. En ja, ik krijg moeilijk werk nu bij een baas, omdat ik al vier jaar heb gezeten, dus ander werk, dat gaat heel erg moeilijk worden voor mij.

Zie op deze site

Wij bekijken iedere reactie. U hoort binnen drie dagen of we het bericht plaatsen.

annuleer