‘To be caring, is to be cared for’: compassie in de school

13 jun 2015 · door Gijs Verbeek >
Forum-redacteur

Dit is een verslag van de derde dag van de Rethink-conferentie ‘Transforming the heart of education’, van 10-12 juni in Aarhus, Denemarken. Lees ook de inleiding en het verslag van de eerste dag, beide geschreven door Gijs Verbeek, en het verslag van de tweede dag door Annonay Andersson. 

Voorbij de instrumentele benadering

Brooke Lavelle Heineberg, verbonden aan het Mind and Life Institute, is senior education consultant. Ze neemt ons vandaag mee in de beweging waaraan zij momenteel bijdraagt, getiteld: A call for care and Compassion in our schools.

Het traject is twee jaar geleden gestart om ethische gevoeligheid bij betrokkenen in scholen te bevorderen. Vanuit verschillende disciplines zijn experts bijeen gekomen om zich te buigen over de vraag hoe zorg en compassie meer aandacht kan krijgen binnen scholen, en te onderzoeken wat er al op dit gebied plaatsvindt in scholen.
Uitgangspunt was om voorbij te gaan aan programma’s en initiatieven die slechts gefocust zijn op het reguleren van gedrag en het omgaan met stress. Dit wordt gezien als symptoom bestrijding, in plaats van dat er een beweging plaatsvind die uitgaat van het herstellen van inherent aanwezige kwaliteiten en neigingen. Bijvoorbeeld de neiging tot het aangaan van constructieve, zorgzame en liefdevolle relaties. Met Call to Care wordt een raamwerk voorgesteld om alle initiatieven op dit gebied te versterken en met elkaar te verbinden.

Kind- en wereldbeeld

The Ethical ChildEr wordt gewerkt vanuit de opvatting van ‘the Ethical child’. Het ‘ethische kind’ voelt zich op een fundamentele wijze veilig in de wereld; het vertrouwt, waardeert en zorgt voor anderen; het is gevoelig voor anderen en heeft een inherente neiging om zorgend te handelen. Hieruit spreekt een expliciet kind- en wereldbeeld, dat het kind toont als van nature en uit zichzelf uitgerust en gemotiveerd voor een gezonde en volledige ontwikkeling.

Uitgangspunten programma

De Call to Care werkt vanuit twee simpele uitgangspunten. Enerzijds dat we, als mensen, van nature geneigd zijn ons op zorgzame wijze en met compassie, te bewegen richting ‘het goede’. Deze neiging wordt (impliciet) bevorderd en gekoesterd in een omgeving waarbij sprake is van onvoorwaardelijke zorg-relaties en (expliciet) middels het cultiveren van compassie.

Leraren: to be caring, is to be cared for

De activiteiten van het programma starten met de leraren, in het bijzonder met de behoeftes en vragen van de leraren zelf. Motto hierbij is: ‘To be caring, is to be cared for’. Er wordt uitgegaan van inherent aanwezige krachten, en leraren worden uitgedaagd en begeleidt deze te (her)ontdekken en hiervan gebruik te maken in het werk dat zij doen. Brook benadrukt hoe mensen die voor het onderwijs kiezen, vaak getrokken worden naar dit werkveld, vanuit een sterke behoefte er te zijn voor een ander, en anderen (kinderen, jongeren) te willen helpen. Ik denk dat velen van ons  dat zullen beamen.
Fears of Self-CareUit de ervaringen van de leraren waarmee zij werkt hoort ze echter ook vaak verhalen over het gevoel dat leraren kunnen hebben leeggezogen te worden door het werk. En dat het een kwestie is van geven, geven, en nog eens geven; het werk voedt niet of nauwelijks. In de loop van de tijd identificeerde zij een aantal obstakels en angsten die het zorgen voor jezelf bemoeilijken (zie foto).
Hoewel ik geneigd ben te denken dat haar beeld hierover gekleurd is door de Amerikaanse context waarin zij werkt, geloof ik tegelijkertijd dat velen van ons dit (hetzij deels) herkennen. Leraren verdienen, aldus Brook, dus ook zelf verzorging.

Aanpak

Op welke wijze pakken Brooke en haar collega’s dit aan? De onuitgesproken opvatting is: uit een lege kan kun je niet schenken. Of, in andere woorden: uit een lege bron of put haal je geen water. De zaal krijgt een opdracht voorgeschoteld. Deelnemers worden gevraagd bij zichzelf een zestal vragen na te gaan: Wie heeft jou in jouw ontwikkeling gezien? Wie heeft jouw geïnspireerd? Wat was daar bijzonder of specifiek aan? Hoe voelde of voelt dat? Welke ervaring hoort daarbij? En, op welke wijze beïnvloedt dit je nu (in je werk)?

In een andere oefening worden we gevraagd terug te gaan naar een moment waarop je echt geraakt bent. Een moment waarop je een fijn gevoel had en je jezelf op je gemak voelde. We worden gevraagd onze ogen dicht te doen en contact te maken met het moment van verbinding. Kun je de details nog herinneren? Kun je zo dichtbij komen, alsof je er weer middenin zit?
Daarna worden de bezoekers van de conferentie uitgenodigd de ervaringen die zij hebben gehad, te delen met anderen naast hen. Er wordt gesproken over gevoelens en ervaringen van rust, warmte, veiligheid, en ruimte.

Een belangrijk deel van het werk bestaat uit het terughalen van ervaringen en van daaruit verbindingen met anderen aangaan en in de wereld gaan staan. Iedereen wordt uitgenodigd open te staan en een zekere sensitiviteit voor de ander(en) te ontwikkelen. Het gaat aldus Brook om het (in sommige gevallen opnieuw) kennismaken met een gevoeligheid die we allemaal hebben.

Verandering van binnenuit

Martijn van Beek opent als gastheer de tweede helft van de afsluitende conferentiedag, waarin de bekende organisatie- en veranderkunde-specialist Peter Senge (MIT) met de groep aan het werk gaat. Martijn licht de motivatie van deze conferentie nogmaals toe als hij teruggrijpt op de tweede helft van de vorige eeuw waarin een aantal aandachtspunten werden geïdentificeerd waarop handelen gewenst was, uitdagingen als grensoverschrijdende vervuiling en economische duurzaamheid. Waar destijds werd gedacht dat we vooral vooruit konden komen middels technologische oplossingen en technologische vooruitgang, zien we momenteel in dat dit niet toereikend is en dat er meer nodig is. Vandaar de oproep die ook deze conferentie tekent en karakteriseert: wat nodig is, is change from within; verandering van binnenuit.

Change of mind; change of space

We verlaten voor het onderdeel van Peter Senge de gebruikelijke collegezaal, en nemen plaats in de foyer, verzameld rondom tafels. Het is volgens Senge illustratief voor de veranderingen die volgens hem nodig zijn. Niet alleen in het denken, maar ook in de wijze waarop we onderdelen van onze maatschappij vormgeven, zoals het onderwijs. En vice versa; niet alleen in fysieke zin, ook in mentale zin.

Senge maakt ons deelgenoot van zijn eigen ontwikkeling. Hij startte vanuit de disciplines van het organiseren en systeem-denken. Omdat zijn ideeën werden opgepakt door het onderwijs, bewoog hij zich hier meer en meer naartoe. Hij ontving emails van mensen die teruggaven dat zij hun scholen meer en meer aan het vormgeven waren als leerorganisaties. En dit was een fundamenteel verschil. Tot dan toe waren scholen met name ‘onderwijsorganisaties’ en niet zozeer ‘leerorganisaties’. Daarna is hij meer en meer in contact gekomen met scholen. Oplossingen vinden we ook volgens Senge niet in meer en meer techniek.

Oplossing zit in het systeem

Op basis van zijn jarenlange ervaring is Senge er inmiddels heilig van overtuigd dat mensen van nature systeemdenkers zijn. Hij laat dit de deelnemers in wat rest van de conferentie door middel van samenwerkingsopdrachten ervaren. Deze activiteiten vloeien naadloos over in gesprekken over wat de conferentie heeft opgeleverd voor deelnemers. Het grootste gedeelte hiervan moeten we jammer genoeg missen; het vliegtuig staat op ons te wachten. Geïnspireerd, geprikkeld en talloze mindfulness oefeningen en ervaringen rijker, keren we tevreden en voldaan terug naar huis.

Wij bekijken iedere reactie. U hoort binnen drie dagen of we het bericht plaatsen.

annuleer